Leerdoelen:
Je kent de betekenis van de volgende begrippen:
Vector, Aangrijpingspunt en krachtenschaal, Constructie, Trekkracht en duwkracht, Zwaartepunt, Homogeen voorwerp, Gewicht
Je kan van een kracht uitleggen of het een duwkracht of een trekkracht is en je kan rekenen met zwaartekracht en gewicht.
Je kan een krachtenschaal gebruiken om de grootte van krachten te berekenen en te tekenen.
Je kan het zwaartepunt aangeven van niet-homogene en van onregelmatig gevormde voorwerpen.
Maak opdracht 1-13
Leerdoelen:
Je kent de betekenis van de volgende begrippen:
Nettokracht of resulterende kracht, Samenstellen van twee krachten, Krachtenevenwicht
Je kan de nettokracht bepalen van twee krachten die op één lijn liggen.
Je kan twee krachten samenstellen die een hoek met elkaar maken en zo de nettokracht bepalen.
Je kan beredeneren hoe groot de nettokracht van twee krachten is.
Maak opdracht 16-27
Leerdoelen:
Je kent de betekenis van de volgende begrippen:
Ontbinden van een kracht
Je kan een kracht ontbinden in twee richtingen die loodrecht op elkaar staan.
Je kan een jkracht ontbinden in twee willekeurige richtingen
Je kan in evenwichtssituaties beredeneren hoe de grootte van een kracht afhangt van de richting waarin de kracht werkt.
Maak opdracht 30-40