Leerdoelen:
Je kent de betekenis van de volgende begrippen:
Versnelling, Vertraging, Nettokracht
Je kan de versnelling berekenen.
Je kan rekenen met het verband tussen nettokracht, massa en versnelling.
Je kan uit een (v,t)-diagram afleiden hoe een kracht verandert.
Maak opdracht 1-10
Leerdoelen:
Je kent de betekenis van de volgende begrippen:
Druk, Gewicht, Omgekeerd evenredig
Je kan de druk berekenen als kracht en oppervlakte gegeven zijn.
Je kan kracht en oppervlakte berekenen met de formule van druk.
Je kan met een formule en met een diagram nagaan of er een omgekeerd evenredig verband tussen twee grootheden is.
Maak opdracht 16-29
Leerdoelen:
Je kent de betekenis van de volgende begrippen:
Reactietijd en reactieafstand, Remvertraging, Remtijd en remweg, Stopafstand, Veiligheidsgrodel, helm, airbag en kreukelzone.
Je kan de werking van verschillende veiligheidsvoorzieningen uitleggen.
Je kan de kracht uitrekenen die ontstaat bij een botsing.
Je kan met meetgegevens rekenen aan reactieafstand, remweg en stopafstand.
Maak opdracht 34 -37+ 40 + 41 + 42
Leerdoelen:
Je kent de betekenis van de volgende begrippen:
Draaipunt, Hefboom, Arm, Vast latrol en losse katrol, Takel
Je kan een vast katrol, een losse katrol en een takel herkennen en je kan de werking van een hefboom uitleggen.
Je kan berekenen welke kracht er nodig is bij een hefboom of katrol.
Je kan beredeneren welk soort hefboom of katrol je in een bepaalde situatie nodig hebt..
Maak opdracht 47-57